Handboek › Technische procedures
CPAP van Boussignac
Ademhalingsondersteuning voor patiënten in spontane ventilatie: indicaties, voordelen en toepassing in 7 stappen.
1. Beschrijving van het materiaal en de indicaties
Tekst Vygon®.
Hulpmiddel voor ademhalingsondersteuning bij patiënten in spontane ventilatie. Het past op elk gelaatsmasker, elke endotracheale tube en elke tracheotomiecanule. Het gaat om een open systeem: de druk wordt opgewekt door de virtuele klep, die de snelheid van de gassen die door de microkanaaltjes stromen omzet in druk. De drukgenerator heeft twee aansluitstukken: een groen doorschijnend aansluitstuk voor de gasinjectie en een kleurloos doorschijnend aansluitstuk voor de drukcontrole (gebruik de manometer).
Indicaties
- Acuut longoedeem
- Bij hypoxie verbetert de CPAP de PaO₂ zonder endotracheale intubatie
- Chronisch obstructief longlijden (gebruik lucht om de druk op te wekken)
Voordelen
- Zeer eenvoudig in gebruik
- Zeer geringe dode ruimte en omvang
- Mogelijkheid om een bronchoscopie uit te voeren bij ernstige hypoxemie
- Open systeem dat communicatie met de patiënt toelaat, wat de stress helpt verminderen
- Vermindering van de ademarbeid dankzij de virtuele (luchtvormige) klep, die geen traagheid heeft
Het gebruik van de Boussignac is verenigbaar met het gelijktijdig toevoegen van een aërosol met behulp van het passende verbindingsstuk.
2. Toepassing van de CPAP Boussignac
-
1
Sluit het verlengstuk aan op de groene ingang van de CPAP, de enige aansluiting die druk opwekt.
-
2
Sluit het napje van het CPAP-verlengstuk aan op een gasbron (lucht, O₂ of gemengd) die tot 30 l/min kan leveren, om het breedste drukbereik voor klinisch gebruik te verkrijgen (0 tot 15 cmH₂O).
-
3
Plaats het masker op het gelaat van de patiënt en zoek de best mogelijke aansluiting. Bevestig het harnas zodat de patiënt de techniek verdraagt; de fijnafstelling volgt daarna.
-
4
Schuif het buisvormige deel van het verlengstuk in de « snelkoppeling » van de manometer tot het vastzit, en sluit daarna het andere uiteinde van de slang aan op het doorzichtige aansluitstuk van de CPAP.
-
5
Open de debietmeter voor lucht of O₂ geleidelijk tot een debiet van ongeveer 10-15 l/min. Spoor de eventuele lekzones aan het masker op en stel daarna het harnas bij en/of blaas de rand van het masker verder op.
-
6
Stel de debietmeter voor lucht of O₂ geleidelijk bij tot de gewenste druk bereikt is. Koppel zo nodig de manometer los (het is niet nodig het doorzichtige aansluitstuk van de CPAP af te sluiten).
-
7
Het is mogelijk de CO₂ te meten of O₂ toe te voegen door aan te sluiten op de doorzichtige ingang van de CPAP. Een bevochtigingsfilter is doorgaans niet nodig.