Handboek › Specifieke situaties
Bevalling
Onverwachte bevalling: Malinas-score, verloop van de uitdrijving, opvang van de pasgeborene (APGAR) en nageboorte.
1. Toepassingsgebied
Zwangere vrouwen van 26 weken en meer, MALINAS-score, persdrang.
| Score | 0 | 1 | 2 |
|---|---|---|---|
| Pariteit | 1 | 2 | 3 en meer |
| Duur van de arbeid | < 3 h | Van 3 tot 5 h | > 5 h |
| Duur van de weeën | < 1 min | 1 min | > 1 min |
| Interval tussen de weeën | > 5 min | 3 tot 5 min | < 3 min |
| Gebroken vliezen | neen | recent | > 1 h |
De score is de som van deze vijf criteria. Een score lager dan vijf wijst erop dat vervoer naar een materniteit mogelijk is. Een score van zes of meer wijst op een dreigende onmiddellijke bevalling, zeker wanneer de barende vrouw persdrang heeft.
2. Algemene maatregelen
- Anamnese: pre-eclampsie (hypertensie, convulsies)
- Overweeg MUG-versterking via Centrum 100. Overweeg een vroedvrouw op te roepen via de MUG
- De barende vrouw snel naar het ziekenhuis brengen bij een Malinas-score < 5 (vervoer in linkerzijligging); bij een Malinas-score > 5 alles klaarzetten voor een onmiddellijke bevalling (bloedverlies, bollend perineum, persdrang)
- Installatie in de ziekenwagen met het hoofd op de plaats van de voeten (vlotte toegang bij een bevalling)
- Biologie, infuus met fysiologisch serum 500 ml
- Bij convulsies: de MUG oproepen en een behandeling overwegen.
3. Specifieke maatregelen bij de bevalling
Bij navelstrengprolaps: de moeder in Trendelenburg leggen en proberen de navelstreng terug te duwen. Volstaat dat niet, duw dan het hoofd terug met de navelstreng en houd een krachtige en aanhoudende druk aan.
Verloop
- Het perineum ondersteunen tijdens de persweeën.
- Vragen te persen tijdens de weeën.
- De komst van de baby begeleiden; is hij « gehelmd », breek dan het vlies met een steriele Kocher.
- Zit de navelstreng strak om de hals: 2 steriele klemmen plaatsen en er steriel tussenin knippen; zit ze los, laat ze dan over het hoofd glijden.
- Eerst de ene schouder vrijmaken, dan de andere.
- De baby op de buik van de moeder leggen.
- De navelstreng tussen 2 klemmen doorknippen, binnen de 1ᵉ minuut, op +/- 15 cm van de navel.
4. Opvang van de baby
APGAR-score na de 1ᵉ, 5ᵉ en 10ᵉ minuut.
| Criterium | Beoordeling | 0 | 1 | 2 |
|---|---|---|---|---|
| Kleur | uitzicht | wit | cyanose | roze |
| HF | pols | < 80 | 80 tot 100 | > 100 |
| Prikkelbaarheid | reactie op prikkels | geen | grimassen | krachtig huilen |
| Tonus | activiteit | geen | flexie van de extremiteiten | actieve bewegingen |
| Ademhaling | geen | gasping | ademhaling OK |
- De luchtwegen vrijmaken
- Uitzuigen en O₂ bij een APGAR tussen 4 en 7
- CPR bij een APGAR < 4
- DE BABY WARM HOUDEN: afdrogen, inpakken (mutsje en deken), eventueel ingepakte warmteplaten of een couveuse.
- De glycemie van de baby meten indien de MUG lang op zich laat wachten of indien de APGAR laag is
5. Zorg voor de moeder
- De baarmoeder masseren om de weeën en de uitdrijving van de placenta te bevorderen (de nageboorte moet binnen de 45 minuten voltooid zijn)
- 1 A° Syntocinon® (10 eenheden/1 ml), verdund in 10 ml
- Na de uitdrijving: 1 A° Syntocinon® (10 eenheden/1 ml) in een infuus van 500 ml Glucose 5 %
- De placenta meenemen